Koninklijk Atheneum

Deurne

Opdrachtgever GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap en Scholengroep Antwerpen
Periode 2002 - 2012
Status deels uitgevoerd
Omschrijving

Een modern schoolgebouw

Vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog wordt het Atheneum van Deurne gebouwd. Op vraag van de gemeente ontwerpt Eduard Van Steenbergen (1889-1952) een school voor maar liefst 1000 leerlingen en met 31 klaslokalen. Het project voorziet niet alleen in de normale schoolvoorzieningen, maar ook in een woning voor de prefect en de huisbewaarder, turnzalen, een polyvalente zaal en een publieke doucheruimte.

Van Steenbergen gaat met deze wensen aan de slag en ontwerpt een gebouw volgens de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid. Hij krijgt voor zijn ontwerp zelfs de steun van architect Henry Van de Velde (1863-1957). Van Steenbergen gaat vernieuwend te werk. Niet alleen zijn stijl is modern, hij sluit ook aan bij de nieuwe pedagogische inzichten van zijn tijd en de moderne overheidsrichtlijnen voor een betere accommodatie in onderwijsgebouwen.

Na het afronden van zijn ontwerp blijkt evenwel dat de gemeente Deurne niet over de nodige financiële middelen beschikt om het bouwproject te financieren. Uit onderzoek blijkt later dat dit de verklaring is waarom de bestaande gebouwen afwijken van het oorspronkelijke ontwerp uit 1936.

Analyse

In 2002 wordt het architectenbureau geselecteerd voor de opdracht van de totaalrestauratie van het Koninklijk Atheneum in Antwerpen. Gezien het uitzonderlijke belang van Eduard Van Steenbergen als één van de toonaangevende Antwerpse architecten van het interbellum wordt het behoud van de originele visie en het concept van deze architect het uitgangspunt in de benadering van dit renovatie- en restauratieproject. 

Er wordt gestart met doorgedreven archiefonderzoek en opmetingen, waarop een uitgebreid materiaal-technisch onderzoek, een diagnose (inclusief het opsporen van verdwenen elementen) en een analyse volgen. Tijdens deze analyse wordt het gebouw ook getoetst aan de hedendaagse eisen op vlak van functionaliteit en comfort.

Conclusie: Het bestaande gebouw verschilt om diverse redenen van het oorspronkelijke geconcipieerde project. De plannen van de architect werden in de jaren 1930 blijkbaar niet volledig gerealiseerd en het schoolgebouw onderging doorheen de tijd tal van aanpassingen. De tand des tijds had ook zijn sporen (o.a. betonrot, roest, scheurvorming, vochtdoorslag, vochtschade,…) nagelaten.

Restauratie

Het daaropvolgende schets- en voorontwerp omvatte het volledige gebouwencomplex waarbij alle gegevens uit het onderzoek werden verwerkt. De reconstructie van een aantal elementen werd uitgewerkt, samen met de herbestemming van een aantal lokalen. Al snel bleek evenwel dat het beschikbare budget ook nu ontoereikend was. Het uitvoeringsontwerp werd bijgevolg beperkt tot de hoogste noden en er werd voorrang gegeven aan de vleugels van de klaslokalen. Het dossier werd hierdoor ook opgesplitst in een aantal kleine dossiers, gefinancierd door de Scholengroep, en een groot restauratiedossier, gefinancierd door het GO! Onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap.

De grote uitdaging van dit project lag in het feit dat de werken moesten worden uitgevoerd in een schoolgebouw in volle bedrijf. Daarnaast was het balanceren om de hedendaagse technieken en technologieën te integreren in het oorspronkelijk concept dat van Steenbergen voor ogen had.